• LEVERING IN NL & BE VIA POSTNL
  • GRATIS VERZENDING VANAF €150,00
  • BETALING VIA IDEAL, BANCONTACT OF FACTUUR
Wie van de vier?
Wie van de vier? €57,80

Wie van de vier?


Welk van de vier objecten hoort er niet bij?
Met zelfcorrectie
Voor 2-6 kinderen vanaf 5 jaar
€57,80
Bestelnummer: 89352
Inhoud: 6 kunststof opdrachtkaarten 210 x 200 mm, 4 opdrachten per kaart, totaal 24 opdrachten, 6 kunststof controlestroken 200 x 35 mm, 24 transparante kaartjes met kruis. In een stevige kartonnen doos, inclusief handleiding. Voor 2-6 kinderen vanaf 5 jaar.
Informatie

Op de opdrachtkaarten staat telkens een rij voorwerpen waarvan er één niet in het rijtje thuishoort

De kinderen leren redeneren en oefenen het verwoorden van die redenering. Ze leren dus preciezer te benoemen en te omschrijven, in categorieën te denken en door te denken, want niet elke oplossing ligt voor de hand. Neem een opdrachtkaart en 4 kruisjes. Verwoord de opdracht als volgt: “Welke voorwerpen zie je op de eerste rij?”, Welk voorwerp denk jij dat er niet in thuis hoort?”. “Waarom denk je dat?”.

Het kind zegt dan bijvoorbeeld: ik zie een lepel, een vork en een mes, daar kun je mee eten, en ik zie een hark en een hark gebruik je in de tuin. Als de oplossing van het kind klopt mag het een kruisje leggen op de afbeelding van de hark. Ga dan naar de volgende rij. Als het in elke rij ontdekt heeft wie of wat er niet bij hoort, neemt het de controlestrook. De controlestroken en de opdrachtkaarten zijn voorzien van een kleurband. Leg de gekleurde banden tegen elkaar. Vergelijk of je ook op dezelfde afbeeldingen een kruisje hebt gelegd. Is dat zo? Geef het kind dan een welgemeend compliment. Neem dan een volgende opdrachtkaart.

Dit spel kun je ook met jongere kinderen (4-4,5 jaar) spelen als je het op een andere manier aanbiedt. Jongere kinderen hebben nog niet genoeg taal ter beschikking om hun redenering te verwoorden maar weten vaak al wel de oplossing. In dat geval breng je de oefening als volgt aan. Je vraagt eerst “Wat hoort er niet in het rijtje thuis?” en dan ga je verduidelijken: “Wat zie je waar je mee kunt eten? En zie je ook iets waar je niet mee kunt eten”. Dan wijzen de kinderen de hark aan of ze kennen het woordje hark en dan mogen ze het kruisje leggen. Jonge kinderen kunnen wel al heel goed het controlesysteem hanteren.

Reviews
Geen reviews gevonden
Help ons en andere klanten door het schrijven van een review
Door het gebruiken van onze website, ga je akkoord met het gebruik van cookies om onze website te verbeteren. Dit bericht verbergen Meer over cookies »